Van ambitie naar impact: verduurzamen in de praktijk bij RottaNova
Dura Vermeer en J.P. van Eesteren, twee Rotterdamse bouwers, hebben hoge ambities als het gaat om duurzaamheid. Het gezamenlijke project RottaNova is daar een goed voorbeeld van.
Duurzaamheid is geen experiment, maar een strategische meerwaarde in alle fases van een bouwproject. Juist in de praktijk wordt zichtbaar hoe duurzame ambities werkelijkheid worden. Dat laten Dura Vermeer en J.P. van Eesteren, die samen de bouwcombinatie vormen, zien in RottaNova. Dit multifunctionele gebouw van circa 41.000 m² verrijst in hartje Rotterdam, tussen de Laurenskerk en de Markthal. Boven de plint met retail en horeca komen 259 woningen, verdeeld over twee torens, met daartussen een gezamenlijke natuurinclusieve daktuin. Naast de bouwcombinatie zijn Van Herk Groep als opdrachtgever en NEOO als ontwikkelaar en bouwdirectie betrokken.
Lilith van Assem, programmacoördinator Duurzaamheid bij J.P. van Eesteren, is vanuit het projectteam betrokken bij RottaNova. "De nulmeting liet een uitstoot van 356 kg CO2 per m² BVO zien. Vanuit onze ambitie om per project minimaal 10 procent CO2 reductie te realiseren, hebben we samen met partners als BBC, Orion en Dyckerhof gezocht naar slimme oplossingen. Dat heeft geleid tot een reductieplan van 11 procent, binnen de projectkaders en zoveel mogelijk kostenneutraal."
Drie aandachtsgebieden
Op meerdere terreinen wordt CO2 gereduceerd, legt Van Assem uit: nat beton, staal, prefab-onderdelen, afbouw en installaties. “We hebben verschillende besparingen kunnen realiseren op het gebied van beton. Zo hebben we serieuze impact gemaakt met ruim 790 ton CO2-reductie door de inkoop van duurzamer wapeningsstaal. Ook voeren we in samenwerking met Sigrid Mulders, de betontechnoloog van Dura Vermeer, verschillende verduurzamingsstrategieën in beton door. Een grote reductie wordt bereikt door standaard met het CO2-armere CEM III/B hoogovencement te werken. Dat levert een besparing van ruim 206 ton CO2-eq op.
Naast deze maatregelen met veel impact leiden ook kleine ingrepen tot reductie. Door het toevoegen van staalvezels in de keldervloer om de krimp in de vloer te reduceren, bijvoorbeeld, besparen we op de toepassing van staal voor de krimpwapening. Dat levert 77 ton CO2-eq reductie op.
Om CO2 te besparen met prefabonderdelen werkt de bouwcombinatie nauw samen met leveranciers. Met Orion is een oplossing ontwikkeld om vanaf de achtste verdieping breedplaatvloeren toe te passen met beton dat voldoet aan de koploperswaarde van het Betonakkoord en met low carbon staal. Daarnaast lopen samen met Lammers Beton twee pilots met CO2-armer prefabbeton, waarbij geopolymeerbeton en biochar worden toegepast. Ook worden innovaties getest zoals zelfhelend beton in een kelderwand en Olivijn in een in het werk gestorte wand. Zo doet het project waardevolle kennis op voor de verdere opschaling van CO2-armere bouwmaterialen.
Ook in de afbouw en installaties liggen kansen voor CO2-reductie. Zo onderzoekt de bouwcombinatie samen met WTH de toepassing van bio circular pvc voor vloerverwarmingsbuizen. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar de CO2-winst, maar ook naar levensduur, garanties, verwerking en kosten. Daarnaast wordt de toepassing van het Gyproc SMART systeem onderzocht, een metalstudwand die naar verwachting circa 40 procent minder CO2-uitstoot dan de traditionele variant.
Leren van wat niet lukt
Ondanks alle inspanningen lukt het niet altijd om een gewenste besparing te realiseren. Soms is daarvoor simpelweg meer tijd nodig. De bouwcombinatie deed bijvoorbeeld een voorstel aan Gemeente Rotterdam om constructieberekeningen te maken aan de hand van de sterkte van het beton na 56 dagen uitharden in plaats van 28 dagen. De sterkte van beton neemt namelijk nog verder toe na de voorgeschreven normtijd van 28 dagen. Zo kan met minder cement dezelfde sterkte worden bereikt. Hoewel het voorstel niet werd overgenomen, zijn we nu wel in gesprek met Gemeente Rotterdam over hoe we dit met elkaar kunnen oppakken in volgende projecten in de regio Rotterdam.
Ook wilde de bouwcombinatie low-carbon glas toepassen in RottaNova. Hier bleek de fabrikant wel de gegevens van het low-carbon glas op orde te hebben maar niet de benodigde hoeveelheden voor dit project te kunnen leveren. “Dat was een waardevolle les, voor ons en voor de fabrikant”, zegt Van Assem. “Het leidt tot verdere gesprekken met de glasindustrie en de verwerkers over mogelijkheden voor verdere verduurzaming. En over hoe en wanneer de vraag te stellen. Daarna hebben we ook Velux benaderd met dezelfde vraag, ditmaal met positief resultaat. Nu wordt er in de zomer een dakkap geplaatst met low-carbon glas van AGC. Ook kijken we nog naar de mogelijkheden bij de inkoop van het glas en staal voor de balkons en windschermen.”
Stappen zetten
Het mag duidelijk zijn: om grote stappen te kunnen zetten op het gebied van duurzaamheid is de commitment van alle betrokken partijen cruciaal. Dat betekent dat je soms een lange adem nodig hebt. “We pakken als bouwers onze verantwoordelijkheid om te verduurzamen waar we kunnen. Maar we weten ook dat we alleen grote stappen kunnen zetten als we onze ketenpartners meekrijgen”, zegt Van Assem. “Daarom investeren we veel tijd en energie in het delen van kennis, blijven praten over nieuwe mogelijkheden en opzetten van pilots. Dan kunnen we samen grenzen verleggen en echt verder komen, als aannemer en als bouwsector.”
